Bestuurlijke inrichting 2010-2014
De afgelopen week zijn er in 6 heringedeelde gemeenten verkiezingen geweest. De uitkomsten waren naar mijn mening niet schokkend en laten ook geen lijn zien voor de verkiezingen bij de overige gemeenten in maart 2010. Het was te verwachten dat in Noordoost Groningen de PvdA zou winnen, evenals de te verwachte winst van het CDA bij de nieuwe gemeenten rondom Venlo. Het meest spraakmakend leek nog de winst van de VVD in Venlo en de eventuele relatie met het niet meedoen van Wilders in deze gemeente. Insiders wisten echter, dat de VVD onder aanvoering van een jonge, energieke wethouder goede resultaten zou boeken.
Volgens mij zit de spanning van de verkiezingen ook niet in ‘wie wint nu waar’. Zoals bij alle verkiezingen zal er een afspiegeling zijn van de landelijke trend op dat moment en zal er, afhankelijk van die trend, in Almere en Den Haag een Wilders-effect zijn. Veel meer spanning kan er echter voortvloeien uit de studies van de diverse werkgroepen die in Den Haag actief zijn met heroverweging van taken. Meer in het bijzonder is voor gemeenten van belang wat de uitkomsten zullen zijn van de zogenoemde Werkgroep 19, die onderzoek doet naar de samenwerking en afstemming binnen het openbaar bestuur. Onder druk van de recessie klinken er in de wandelgangen geluiden, die ertoe zouden kunnen leiden dat er voor het eerst sedert ruim 150 jaar een verbouwing komt in het Huis van Thorbecke.
Duidelijk is, dat alle belangengroeperingen (VNG, IPO, Unie van Waterschappen et cetera) op het vinkentouw zitten en proberen invloed uit te oefenen binnen het Ministerie van BZK om er maar vooral voor te zorgen dat de positie van de gemeenten steviger wordt, dat de provincies niet verdwijnen, dat waterschappen toch het beste kunnen zorgen voor droge voeten en uiteindelijk dat niet veranderen dus het beste is voor ons allen. Maar stel nu, dat we door de recessie nu eens echt ingrijpen en dat we, aansluitend bij de commissies Lodders en D’Hondt, nu eens echt zorgen voor een heldere taakafbakening op inhoud tussen provincies en gemeenten, dat we een fusie bewerkstelligen tussen provincies en waterschappen op beleidsvoerend terrein, dat we vele uitvoerende taken functioneel weten te decentraliseren, dat we ten gevolge van de herverdeling van taken gedwongen zijn om te werken met minder provincies en gemeenten, dat het Rijk de regierol krijgt en ga zo maar door. In dit geval zijn de verkiezingen zeer interessant, want de verkiezingen vormen dan de voorbode voor nieuwe besturen die moeten zorgen voor het oppakken van een nieuw takenpakket, voor voorbereidingen van vormen van intensieve samenwerking en herindelingen, voor taakafbakening met provincies en voor regie en opdrachtgeverschap richting uitvoeringsorganisaties.
Kortom: de verkiezingen als voorbode voor een periode van nieuwe taken voor gemeenten. Een regisserende, opdrachtgevende gemeente die op basis van kwaliteit en inhoud resultaten weet te boeken. Minder bestuurlijke drukte en meer resultaat. Of ben ik nu bezig met het herlezen van Utopia en gebeurt hetzelfde als in 2002/2003, de vorige recessie, waarbij ook alle posities onder druk stonden en uiteindelijk dat prachtige Huis van Thorbecke alle stormen overwon. Er werd slechts wat gemorreld aan de regionale samenwerking en vermindering van de positie van tussenconstructies, die inmiddels door de WGR+ al weer is ingevuld. Wat er ook gebeurt, de verkiezingen blijven wat mij betreft belangrijk; het gaat immers om die bestuurslaag die het dichtst bij ons burgers staat, waar we het meest invloed op kunnen uitoefenen en die we zelfs in het echt kunnen aanraken: Stemmen dus!
Roel Wever
directeur BMC